Archief voor rubriek: Online teksten van Th.C.W. Oudemans

Zwiegespräch im Mondlicht

Auteur Th.C.W. Oudemans

In einer stillen Juninacht spazierte ich durch einen Stadtpark in Amsterdam. Der Mond stand hoch am dunkelblauen Himmel und erhellte den schlafenden Park. Nicht weit von mir erhob sich eine Stimme aus der nächtlichen Stille. Neugierig spähte ich durch das Gebüsch.

Da saßen zwei Gestalten auf einer Bank. Die eine war ein ganz normaler Mann: um die fünfzig Jahre alt, Glatze, beige Hosen.

Die andere Gestalt sah merkwürdig, pergamenten aus. Ihre Haut war eingetrocknet und schimmerte zugleich silbern im Mondlicht. Sie schien dem Irdischen ebenso wenig anzugehören wie der Mond, der sie beleuchtete.

Der Fünfziger, ich nenne ihn X, begann das Gespräch.

Zwiegespräch im Mondlicht (doc)

15 maart 2010Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

Herinnering aan Duitsland

Auteur Th.C.W. Oudemans

Opgenomen in de speciale Ferron-editie van De Revisor. Letterkundig tijdschrift voor Nederland en Vlaanderen, 2006 nr.4.

Een offer ontleende zijn zin aan een wederkerigheid tussen degene die het offer aanbood en de instantie die het ontving.

Je offerde wanneer je daardoor een gunst retour verwachtte.
De aarde kreeg je eerste veldvruchten, want anders kon zij, beledigd door het ritsen van de ploeg, je oogst schaden. (…)

Vandaag de dag is de aarde een Riesentankstelle en de staat een economische grootheid. Daarvoor valt niets te offeren. Het woord en zijn grammatica zijn zinloos geworden. (…)

In Het stierenoffer, dat betrekking heeft op de vrijkorpsen en de NSDAP, en in De keisnijder van Fichtenwald, dat opkomst en neergang van het nationaal-socialistische Duitsland verhaalt, volgt Louis Ferron de schaduwen van Duitsland zonder zich als vanzelfsprekend te identificeren met de overwinnaars.
Ferron krijgt te maken met de taalnood die intreedt zodra je serieus wilt ingaan op de betekenis van deze periode.

Herinnering aan Duitsland (pdf)

16 oktober 2006Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

‘Het vrije woord’ – Cleveringa’s protestrede en de Nederlandse identiteit

Auteur Th.C.W. Oudemans

Cleveringa-lezing voor SSR [01-12-2005]

Het begin van de filosofie, bij Plato en Aristoteles, was dat je iets overkwam, een verplaatsing ten opzichte van je normale omgang met de dingen. Deze ervaring, dit pathos, was een verbijstering over je verhouding tot de dingen. Hoe lukt het mij om verschillende dingen te zien als dezelfde? Wat verbindt mij met ze? Wat is hun aard of natuur? En wat is mijn eigen aard, mijn menselijke natuur, dat er doorgankelijkheid is tussen de dingen en mijzelf?

Dit filosofisch pathos is weggevallen. Het lukt mij niet om een kloof te ervaren tussen mijn dagelijks bestaan en mijn menselijke natuur of menselijkheid.

Dat kan te denken geven.

In het najaar van 1940 ontvangt de Leidse hoogleraar Meijers zijn ontslagbrief, in opdracht van de Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandse gebied terzake van niet-Arisch overheidspersoneel. In reactie op dit bericht houdt Cleveringa zijn protestcollege.

‘Het vrije woord’ – Cleveringa’s protestrede en de Nederlandse identiteit (pdf)

21 december 2005Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

‘Het vrije woord’ II

Auteur Th.C.W. Oudemans

Cleveringa-lezing voor SSR [01-12-2005]

Wordt de lezer en de toehoorder van Het vrije woord iets noodlottigs ingewreven? Worden zij ingemetseld in onontkoombaarheden – vastgepind? Het lijkt er wel op.

cleveringaII (pdf)

1 december 2005Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

Pleziertrein

Auteur Th.C.W. Oudemans

Hoe schrijft Nescio?

Indirect, uitwijkend. Terwijl hij iets zegt ‘draait hij zich verraderlijk om’.
Je kunt het vandaag de dag niet rechtstreeks hebben over zacht koerende duiven in de eeuwigheid.
Dat lukt alleen onopvallend, in het voorbijgaan aan het hoofdthema, de pleziertrein.
Nescio brengt iets vergaands ter sprake door het te verloochenen.
In Een lange dag zit Sam even stil en zegt: ‘God is groot’. Dit kan alleen dankzij de toevoeging: ‘en meteen
reden we de brug op met groot geweld en al die ijzeren balken schoven ons voorbij, zoodat het mij warrelde.’
Waar het lukt om omfloerst te spreken en zo iets indirect te laten blijken, daar is het spreken dichterlijk, om het
even of de manier van spreken prozaïsch of poëtisch is.
Poëtische directheid is niet dichterlijk in deze zin.
Het proza van Nescio wel.

Pleziertrein (pdf)

9 januari 2005Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

Kants Kritik der reinen Vernunft in het Nederlands vertaald

Auteur Th.C.W. Oudemans

Recensie verschenen in de Mare

Het vertalen van Kants Duitse filosofenproza in meer dan 600 kloeke bladzijden is een titanenwerk geweest. Was dit vergeefse moeite – gezien het esoterisch karakter van filosofische teksten in het tijdperk van het snelle beeld en de hapklare informatie? Misschien niet.

De vertaling zal enige tijd de aandacht trekken als salontafeldecoratie. Daarna wordt het stil. Het werk wordt bijgezet in de catacomben van de Kantreceptie. Jaarlijks verschijnen daarbinnen duizenden studies. Vakgroepen en leerstoelen ontlenen hun leven eraan.
De voortgang van de overleveringsindustrie zegt weinig over het belang van deze vertaling. De Kantreceptie bevindt zich in een verstofte uithoek van het informatiebestel. Niemand kijkt er verder naar om. De filosofie is gemarginaliseerd. En dat is met Kant begonnen.

Kants Kritik der reinen Vernunft in het Nederlands vertaald (pdf)

30 oktober 2004Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans

Biotechnologie en bevolkingsgroei – the tragedy of the commons revisited

Auteur Th.C.W. Oudemans

Lezing voor de Alumnivereniging van de SWR Hendrik Muller Seminaars [28-02-2003]

Wanneer maatschappelijke discussies gevoerd worden over de toelaatbaarheid van genetische modificatie van voedselgewassen, dieren of menselijk erfelijk materiaal, dan past een filosoof bescheidenheid. Het ontbreekt hem aan de middelen en de methoden om aan de discussie iets anders toe te voegen dan just another opinion of the man in the street – afgezien van de academische of diepzinnige saus waarmee hij zijn standpunten overgiet. Hoedt U voor ethici! Zij doen het voorkomen of zij beschikken over deskundigheid met betrekking tot morele of maatschappelijke dilemma’s. Maar die hebben ze niet. Er bestaat geen wetenschappelijk zekergestelde hardcore van onbestreden ethische uitgangspunten.

Wat kan een filosoof wel? Hij is degene die zich in de zijlijn bevindt. Hij neemt aan debatten en reguleringen die gericht zijn op de verbetering van de condition humaine niet deel. Hij beziet met afstandelijke blik wat de deelnemers aan het verhitte debat meenemen aan onuitgesproken gedachten – die binnen het debat met kracht ontkend worden.

Deze afstandelijkheid zal al snel als zwartgallig of nihilistisch bestempeld worden. Inderdaad, de bijdragen van een filosoof helpen het gesprek niet vooruit, maar leveren hoogstens vertraging op. Gelukkig blijft de filosoof zitten in de coulisse van waaruit hij zijn voetnoten plaatst. Hij blijft verder onopgemerkt.

Biotechnologie en bevolkingsgroei – the tragedy of the commons revisited (pdf)

28 februari 2003Geplaatst in Online teksten van Th.C.W. Oudemans